Arthur Japin Maar buiten is het feest

'De beste camouflage is je eigen persoonlijkheid, omdat niemand zal geloven dat die echt is'. Met dit citaat van Fjodor Dostojevski geeft Japin het thema van zijn nieuwe roman goed wer. Het boek gaat over bekeken en begluurd worden, verstoppen en in de schijnwerpers staan. 

Weijntje - Weijnanda - groeit op als middelste van 3 zussen. Haar vader verdwijnt op een dag. Moeder verdraagt het alleen zijn niet en gaat al gauw een relatie aan met Sijmen, die als fotograaf werkt op kermissen en jaarmarkten. Sijmen blijkt echter niet alleen 'kijker' van beroep, ook in het dagelijks leven doet hij niet liever dan gluren en begluren. Naarmate Weijntje opgroeit, ontdekt ze overal in huis gaatjes in de muren. Gaatjes waar Sijmen doorheen gluurt om haar te bespieden - in haar slaapkamer, in het toilet, in de badkamer. Nergens is ze veilig voor zijn blikken. 

Het blijft niet bij blikken alleen. Het aftasten met de ogen wordt gevolgd door aftasten met de handen - en al gauw door verkrachtingen. Het patroon dat ontstaat is dat van het klassieke incestverhaal. Niet alleen raakt Weijntje steeds verder verstrikt in angst en bedreigingen van de kant van Sijmen, ook haar relatie met haar oudere zus Laura, eveneens in de macht van haar
stiefvader, wordt aangetast. Bovendien wil Weijntje koste wat kost de jongere Isa beschermen. Moeder is op geen enkele manier tegen de situatie opgewassen en kijkt niet, ziet niet - wil of kan niet zien.

Door dit gruwelverhaal dat in flashback wordt verteld heen, slingert het verhaal van Zonne - de volwassen Weijntje die een grootse zangcarriere heeft opgebouwd. Een diva, die altijd optreedt in grootse creaties. Ze is verwikkeld in een rechtszaak om de voogdij over het kind van haar overleden zus Laura. Gaandeweg het boek komen deze lijnen bij elkaar.

Japin is een geweldige verteller. Vanaf de eerste bladzijde trekt hij je het verhaal in, om pas bij de laatste bladzij weer los te laten. Ook dan zingt het verhaal nog na - maar niet zozeer vanwege het verhaal, alswel vanwege de gruwelijke werkelijkheid van incest. Voor zover ik dat als niet-ervaringsdeskundige kan beoordelen, zet Japin die afschuwelijke werkelijkheid zeer overtuigend neer in dit boek. Maar is het daarmee een overtuigende roman? Wat betekent deze jeugd waaraan Weijntje zich ontworsteld heeft door de tomeloze inzet van juffrouw Verbeet, haar zanglerares, in haar latere leven? Er staan wel
wat aanwijzingen, maar de volwassen Weijntje blijft verborgen achter de figuur van Zonne, die alleen maar laat zien wat ze wil laten zien. De rest blijft verborgen, niet alleen voor haar publiek, ook voor ons als lezers.
Het verhaal van Zonne overtuigt niet. De wijze waarop Japin als meesterverteller de jeugd van Weijntje beschrijft draagt het verhaal - maar daar buiten is het verhaal dun, blijft er weinig over.
Zonne als volwassen vrouw komt niet uit de verf. Het verhaal over het overlijden van Laura is een flard die nauwelijks enig verband heeft met de rest van het verhaal. De indeling van het verhaal (Vaders - Weijntjes opkomst - Zonnes
opkomst - Moeders) lijkt nogal gekunsteld en voegt weinig toe.

Het verhaal roept nog een andere vraag op: in hoeverre is er in dit
verhaal een verband met het leven van Karin Bloemen? De overeenkomsten zijn er wel degelijk: het incestverleden, de zorg voor het kind van een overleden zuster, de extravagante kleding, de benaming 'diva', 'La Zonne' / 'La Bloemen'. Toevallig kan dat toch nauwelijks zijn, als het er zo dik bovenop ligt....
Maar wat beoogt Japin hiermee? Op een of andere manier lijkt het ook een beetje onsmakelijk.

Al met al een boek dat niet het niveau haalt van bijvoorbeeld 'Een
schitterend gebrek' of 'De overgave'. Niettemin de moeite waard om te lezen. Want vertellen kan Japin ontegenzeggelijk.

  Manon

Nog meer over dit boek....: 

boekcover: 

schrijver: 

boektitel: 

Maar buiten is het feest

genre: 

oorspronkelijke titel: 

Maar buiten is het feest

uitgever: 

jaar van uitgave: 

2012